Dubbeltjes, kwartjes

5 apr 2006, 15:46

Ik werd ‘s ochtends wakker en ineens herinnerde ik me dat ik een zwerver omhelsd had die nacht, midden op het Leidseplein.
Mijn lief keek me streng aan en zei: "Ja, maar ik ben door hem gekust."
Reggie, dat is kort voor Reginald, zijn gitaar was van de week ontvreemd. Maar hij kreeg een nieuwe en daar waren we alle drie heel erg blij om. Zo blij dat we elkaar wel konden zoenen. Blijkbaar.

Ik heb een lange geschiedenis met zwervers.
Zoals met de man ‘s nachts als je samen een studentendiscotheek uitloopt. Voor een euro tokkelt hij twee uur lang op zijn contrabas met drie snaren, totdat de zon op komt en het besluit volgt in het Vondelpark te overnachten.
Of de jongen op de Wallen tegen wie ik riep dat ik er genoeg van had en mee zou lopen om boodschappen te doen. "Dat is goed, doe maar vla."
Ik keek hem, amper 20, verbaasd aan…"Vla?"
Het was het enige wat zijn maag aankon. "Drugs, snapt u, mevrouw?"
Of de blonde Z-verkoopster. Zodra je een wil kopen, heeft ze er maar één (showmodelletje). Jarenlang ruziede ik met haar over de (dure) dooie mussen, tegenwoordig bied ik maar een biertje aan (geen showmodelletje).

Kort geleden kwam ik een zwerver tegen die daadwerkelijk eten wou kopen van het geld. Die verheugd tien minuten lang riep dat hij zo een honger had en hoe dankbaar hij wel niet was. Toen ik hem daarom ook maar mijn flesje perensap aanbood ontving ik een tirade over de wonderen van vitamines. "Nogmaals bedankt mevrouw, super bedankt. U maakt mijn hele dag goed!"
Een pessimist zou roepen dat ik het alleen deed om mezelf een beter mens te wanen, maar ik voelde me zo opgelaten na mijn "nobele donatie". Iedereen staarde mijn kant op.

Het leven op straat is voor mij slechts enkele rekeningen verwijderd van de eigen voordeur. En dan lach ik wat minder hard om de ‘O, sorry laat maar!" mevrouw en de man die me wijsmaakte dat ik zijn autosleutel als borg kreeg voor geld voor de trein en de boze zwerver in de Burger King bij wie ik aan tafel ging zitten en die een hekel aan mijn werkplek bleek te hebben. Foute inschatting van mijn kant.

Ook van hen. Ooit hebben ze stuk voor stuk een foute inschatting gemaakt die niet meer recht te draaien viel. Het is niet grappig en het is absoluut geen reden om alleen maar kleingeld in hun handen te smijten en ze niet eens te vragen of ze een prettige dag hebben gehad.
Je moet elkaar als drenkelingen vasthouden in dit leven. Als er een dreigt af te drijven, grijpen en keihard tot bezinning knijpen. Voordat je twintig jaar later huilend op straat aan een wildvreemde moet vertellen dat je vrouw je ooit verliet en het sindsdien bergafwaarts is gegaan.
Want zoiets gun je niemand.